Sinds 12 augustus zijn in Brussel verschillende gewestelijke steunmaatregelen voor ondernemingen opgeschort. Opleiding, consultancy, aanwerving en coworking worden niet langer gesubsidieerd. Voor restauranthouders, caféhouders en hoteliers, die vaak met krappe marges kampen en zich telkens opnieuw moeten heruitvinden, is dat verschil alles behalve onbelangrijk.
Thibaut Martens, vennoot bij Subsiconseils en partner van Horeca Brussels, zet alles voor u op een rij.
Het personeel opleiden, een expert om advies vragen voor de lancering van een nieuw concept, begeleiding zoeken bij een juridische of strategische kwestie, aanwerven… Het zijn allemaal uitgaven die bijkomstig kunnen lijken naast de aankoop van een nieuwe oven, het in orde brengen van een keuken of energiebesparende werken. In de horeca kunnen ze nochtans het verschil maken en een zaak helpen vooruitgaan.
Sinds 12 augustus 2026 is de situatie in Brussel veranderd. Het Gewest heeft verschillende werkingspremies tijdelijk opgeschort: de steun voor opleiding, voor consultancy – inclusief consultancy rond transitie en overname-overdracht –, voor aanwerving en voor coworking. Aanvragen die vóór die datum werden ingediend, worden wel nog normaal behandeld.
De investeringssteun blijft daarentegen behouden. Kort samengevat: materiaal, werken, vastgoedinvesteringen of investeringen die onder meer met energiebesparing te maken hebben, én de digitaliseringspremie blijven bestaan.
Voor de horeca gee bijkomstige uitgaven
Samengevat: een restauranthouder die in materiaal investeert, kan onder bepaalde voorwaarden nog altijd een tussenkomst aanvragen. Maar wie zijn competenties wil bijschaven of een consultant wil inschakelen om zijn zaak te herdenken, draait voor de opgeschorte premies nu zelf volledig op voor de rekening.

« Vroeger, wanneer een restauranthouder een van zijn teamleden naar een opleiding van 1.000 euro stuurde, kon hij een subsidie krijgen die een substantieel deel van die uitgave dekte. Zal de ondernemer zonder steun die 1.000 euro blijven investeren? », vraagt Thibaut Martens zich af.
Dezelfde redenering geldt voor een consultancyopdracht van 10.000 euro. Een grote groep kan dat bedrag misschien nog opvangen. Voor een kleine horecazaak kan het genoeg zijn om de hele opdracht op de helling te zetten. En nochtans heeft de sector behoefte aan begeleiding: om een nieuw concept te bepalen, een commerciële strategie uit te tekenen, juridische punten na te kijken of de organisatie en de opleiding van de teams te beheren.
Thibaut Martens betreurt vooral de impact van die opschorting op de kleine ondernemers. « Een advocaat inschakelen om een operatie juridisch waterdicht te maken, bijvoorbeeld, lag veel makkelijker binnen bereik toen die uitgave deels gesubsidieerd werd. »
Beter doen met minder
In een Brussels Gewest dat met zware budgettaire beperkingen kampt, vindt Thibaut Martens een grondige herziening van het systeem verdedigbaar. « Wat wij bepleiten, is een herziening van de steunmaatregelen. Laten we ze niet volledig tot nul terugbrengen. Zelfs al blijft er maar 10 of 15 miljoen euro over, dan is er ruimte om het beter te doen met minder. »
Gezien de sterke toename van het aantal aanvragen en het beperkte budget zegt het Gewest de middelen te willen concentreren op investeringen en op projecten die « waarde, economische activiteit en werkgelegenheid » creëren. Voor Thibaut Martens is de vraag precies wat er écht waarde en werkgelegenheid creëert. In de horeca betekent investeren niet alleen materiaal aankopen of een zaak renoveren. Er zijn ook al die andere aspecten (opleiding, communicatie enz.) die meebouwen aan de duurzaamheid van een onderneming.
De kleine zaken in de vuurlijn
De kleinste structuren worden het hardst getroffen door deze opschorting van de steun. Voor de ondernemer die al moet goochelen met lonen, energiekosten, grondstoffen, huur en andere exploitatielasten, is het een zware klap.
Ondanks de verschillen in steun tussen de gewesten gelooft Thibaut Martens weinig in een massale uittocht van Brusselse ondernemingen. Toch stelt hij vast dat sommige ondernemers, en met name traiteurs, in de verleiding kunnen komen om zich net over de gewestgrens te vestigen. « Dat creëert een scheeftrekking tussen een Vlaanderen dat wint en een Brussel dat alle budgetten schrapt », vat hij samen.
De opschorting wordt als tijdelijk aangekondigd. Maar Thibaut Martens vreest een ander scenario, waarbij de opschorting van de steun definitief wordt. En die gewestelijke beslissing valt in een algemeen klimaat van somberheid, waarin consumenten voorzichtiger worden en minder uitgeven. Voor de horeca laat die voorzichtigheid zich snel voelen op de rekeningen. Dat wordt dan ook de hele inzet van de komende herziening van de steunmaatregelen: besparen, met in het achterhoofd dat de minst zichtbare investeringen niet noodzakelijk de minst rendabele zijn.
Over Subsiconseils
Subsiconseils begeleidt Brusselse ondernemers bij het verkrijgen van publieke subsidies: identificatie van de meest relevante steunmaatregelen voor uw project, opmaak van de dossiers, administratieve opvolging en begeleiding tot en met de uitbetaling van de premie. Ze werken volgens het principe “no cure, no pay”: u betaalt pas wanneer u het bedrag van de premie effectief ontvangt.







